lesoverzicht

1. Wat is Beeldkraken?

Beeldkraken is een onderwijsproject dat in het leven is geroepen door de Atlas van Stolk en ontwikkeld wordt door Onwijs. Doel van het project is leerlingen beter om te leren gaan met de beeldcultuur waarin ze opgroeien. Beeldkraken is geschikt voor leerlingen vanaf de bovenbouw PO tot de bovenbouw VO. 

Tegenwoordig zien jongeren in één dag evenveel beelden als een burger in de gouden eeuw in zijn hele leven. In reclame, educatie en communicatie wordt een steeds groter beroep gedaan op beelden. Een aanzienlijk deel van deze beelden is gemanipuleerd. 


Steeds vaker blijkt dat jongeren niet goed kunnen kijken. Beeldanalfabetisme is dan ook een typisch begrip van nu. In een tijd waarin jongeren constant wordt overspoeld met beelden, is het belangrijk dat ze zich leren afvragen wat de waarde is van die beelden. Maar ook, hoe betrouwbaar is het beeld?


Beeldkraken wil jongeren bewust maken van de invloed van beelden, wil ze weerbaar maken 'tegen' het beeld en weerbaar tegen beeldmanipulatie. Beeldkraken wil ze kritisch leren kijken.

2. Wat is de Atlas Van Stolk?

De Atlas Van Stolk is een unieke beeldcollectie: ze vertelt als enige het verhaal van de Nederlandse geschiedenis 'van nul tot nu’. De collectie telt inmiddels 270.000 afbeeldingen in boeken, prenten, foto’s, affiches en kaarten.

Het woord Atlas verwijst niet naar een boek met landkaarten, maar is een negentiende-eeuwse term voor collectie. Grondlegger ervan is Abraham van Stolk. Hij was een Rotterdamse houthandelaar met een passie voor vaderlandse geschiedenis. Hij verzamelde prenten, tekeningen, foto's en affiches. Na zijn dood ging de verzameling over op zijn zoon. Die breidde de collectie uit net als latere erfgenamen die eveneens gepassioneerde verzamelaars waren.

Op een gegeven moment werd de collectie te groot om aan huis te houden en gaf de familie de verzameling in bruikleen aan de Gemeente Rotterdam. Sindsdien is de Atlas Van Stolk een openbare collectie die gevestigd is in het Schielandshuis in Rotterdam.

Het belang van het delen met publiek staat voorop. Een groot deel van de collectie is openbaar en door iedereen te raadplegen via internet. Het digitaliseren van de collectie is een groot project, waar de komende jaren mee wordt door gegaan.

3. Wat is kritisch kijken?

Kritisch kijken is de vaardigheid om naar beelden te kijken en vervolgens je eigen conclusies te trekken. Om onafhankelijk van anderen een oordeel te vormen over de beelden die je ziet en te doorzien op welke manier beelden de werkelijkheid en de kijker proberen te manipuleren.

Binnen het onderwijs is het begrijpend lezen al jarenlang een belangrijk punt van aandacht. Leerlingen leren van jongs af aan goed en kritisch na te denken over de inhoud van teksten. Op het eindexamen wordt getoetst of een leerling wel begrijpt wat er in een tekst staat en wat de schrijver precies bedoelt.

 

In een tijd waarin leerlingen massaal worden geconfronteerd met allerlei soorten beeldmateriaal, is begrijpend of kritisch kijken op scholen vreemdgenoeg nog een onbekend begrip. Beeldkraken is van mening dat er evenveel aandacht moet zijn voor het kritisch kijken naar beelden: wat zie je nu werkelijk?

Bij kritisch kijken gaat het om het achterhalen van de antwoorden op vragen als:

 

  • Wat laat het beeld zien?
  • Hoe is het beeld gemaakt?
  • Door wie is het beeld gemaakt?
  • Voor wie is het beeld gemaakt?
  • Waar is het beeld te zien?
  • Wat is de boodschap van het beeld?
  • Wat is het doel van het beeld?


Het beantwoorden van deze vragen begint bij kijken en dan nog een keer kijken naar het beeld. Waar we normaal gesproken een beeld direct en vaak onbewust omzetten in een boodschap, gaat het bij kritisch kijken juist om het analyseren van de manier waarop een beeld tot een boodschap leidt. De 'code' die in elk beeld opgesloten zit, kan worden gekraakt.

4. Waarom Beeldkraken gebruiken?

Leerkrachten geven al jaren aan dat ze behoefte hebben aan lesmateriaal waarmee ze hun leerlingen kritisch kunnen leren kijken naar beelden. Het project Beeldkraken sluit naadloos op deze behoefte aan.


Eén van de belangrijkste doelstellingen van het onderwijs is leerlingen voor te bereiden op hun functioneren in de samenleving, zowel op professioneel gebied als op het sociale vlak en in het privédomein. In de 21e eeuw vraagt dat om andere vaardigheden dan voorheen. Kritisch kijken, of visuele geletterdheid, is daar een belangrijk onderdeel van.

Beeldkraken levert een schat aan lesmateriaal waarmee leerlingen beter kunnen leren kijken naar beelden. De website is opgebouwd uit modules, die worden ontwikkeld door mensen uit het onderwijs met uiteenlopende praktijkervaring. Elke module begint met het kritisch kijken naar een historische of hedendaagse afbeelding uit de rijke collectie van de Atlas van Stolk.

 

De modules kunnen eenvoudig en zonder veel voorbereiding gebruikt worden in de reguliere les. Wil je als docent meer doen met het onderwerp van een afbeelding, dan zijn er voor de lessen geschiedenis, maatschappijleer, Nederlands en CKV diverse toegevoegde opdrachten. Beeldkraken is daarmee een aanvulling op bestaande lesprogramma’s of methodes, maar kan ook los van een methode gebruikt worden.

 

De modules kunnen in willekeurige volgorde gebruikt worden. Elke module draagt bij aan de visuele weerbaarheid van leerlingen.

5. Voor wie is het bedoeld?

Het leren omgaan met beelden beperkt zich niet tot een specifieke leeftijd of leerjaar. Beeldkraken richt zich daarom op een brede groep leerlingen, vanaf de bovenbouw basisonderwijs tot aan de bovenbouw van het voortgezet onderwijs en alles wat daartussen zit. 

De ontwikkeling van de kijkvaardigheid loopt niet per se gelijk op met de verdere ontwikkeling van leerlingen. Met name jongere leerlingen hebben vaak een onbevangen en onderzoekende blik, een houding die voor kritisch kijken een belangrijke voordeel levert. Dit betekent dat al vanaf jonge leeftijd begonnen kan worden met het kritisch leren kijken.

Als het gaat om kritisch kijken is er niet direct een duidelijke scheiding tussen de leerjaren, zelfs niet tussen verschillende schooltypen. Afbeeldingen die geschikt zijn voor groep 8 van het primair onderwijs kunnen evengoed gebruikt worden in bijvoorbeeld een 2e klas van het VMBO.

De afbeeldingen die in Beeldkraken gebruikt worden komen uit de collectie van de Atlas Van Stolk en zijn voor een belangrijk deel historisch van aard. Daarnaast zijn er veel afbeeldingen die een actuele of maatschappelijke inhoud hebben. Het gaat om onderwerpen die pas vanaf de bovenbouw van het basisonderwijs deel uitmaken van het lesprogramma.

6. In welke lessen past het?

Een van de uitgangspunten van Beeldkraken is dat de modules makkelijk zijn te gebruiken in de reguliere lessen. De vakken waarbij de aansluiting het duidelijkst is zijn geschiedenis, maatschappijleer, Nederlands en CKV. De modules bevatten voor elk van deze vakken opdrachten.

Beeldkraken maakt gebruik van afbeeldingen uit de collectie van de Atlas van Stolk. Deze bevat een schat aan historisch materiaal. Het ligt dus voor de hand om het project te gebruiken bij de lessen geschiedenis. Veel afbeeldingen raken ook aan maatschappelijke onderwerpen, zoals discriminatie, seksualiteit of politiek, dus ook binnen Maatschappijleer kunnen de modules prima gebruikt worden.

Kritisch kijken is vergelijkbaar met kritisch lezen (ook wel begrijpend lezen), een onderwerp dat binnen het vak Nederlands een belangrijk onderdeel vormt. De houding die hiervoor ontwikkeld wordt ten opzichte van tekst is even goed relevant bij het ‘lezen’ van beelden. Hoewel de gebruikte technieken heel anders kunnen zijn is er dus een duidelijk raakvlak. Er zit een duidelijk talige kant aan kritisch kijken, al is het alleen al omdat taal een instrument is om beelden te ondervragen.

Leerlingen zijn niet alleen aan de lopende band beelden aan het consumeren, ze produceren ze ook voortdurend. Daarbij gaat het tegenwoordig om meer dan tekeningen. Graffiti, foto’s, selfies, vlogs, video’s, 3D-afbeeldingen, het aantal expressiemogelijkheden is sterk gegroeid. Het maken van beelden begint bij het kijken er naar. Leerlingen kopiëren, vaak onbewust, beelden en technieken die ze om zich heen zien. Een kritische houding wordt daarbij steeds belangrijker.

Ten slotte is er in veel onderwijssituaties sprake van het fenomeen ‘tussenuur’, bijvoorbeeld bij het uitvallen van een les en / of door afwezigheid van een leerkracht. Met een module uit het aanbod binnen Beeldkraken wordt het mogelijk zo’n lesuur zinvol te gebruiken, zonder dat er veel voorbereiding aan vooraf gaat. Een invallende leerkracht kan desnoods ter plekke een module kiezen en beginnen met het introductiegedeelte.

7. Wat is een module?

Een module draait om één afbeelding uit de collectie van de Atlas Van Stolk. Elke module heeft dezelfde structuur en is steeds opgebouwd uit drie segmenten: Intro, Verwerking en Verdieping. Het is aan te bevelen om de introductie in zijn geheel te behandelen en bij de Verwerking en Verdieping de passende opdrachten te kiezen.

De Intro (introductie) gaat primair over het bekijken van de afbeelding. In drie stappen proberen leerlingen via het beantwoorden van vragen de afbeelding te ontleden. De vragen zijn bedoeld om klassikaal (of in groepen) te bespreken, waarbij leerlingen worden gestimuleerd hun eigen antwoord te geven. Eventueel kunnen leerlingen de vragen eerst individueel schriftelijk beantwoorden. Het uitwisselen van antwoorden en inzichten is een echter een belangrijk onderdeel van de leerervaring.

De Verwerking bestaat uit opdrachten waarbij de thema’s die in de te bekijken afbeelding aangeboden worden verder worden uitgediept. Er zijn meestal tussen de acht en tien opdrachten, elk geschikt voor één of meer vakken.

Er is een variatie aan opdrachtvormen en werkvormen. Opdrachten kunnen klassikaal behandeld worden, maar individueel of in groepjes worden uitgevoerd. De werkvormen variëren van individueel schriftelijk werk tot een klassengesprek, vragen beantwoorden, zoekopdrachten op internet uitvoeren, stukken schrijven, groepsdiscussies, of het maken van mind maps, tekeningen, tijdbalken, etc.

De Verdieping biedt opdrachten die over het algemeen meer tijd vragen dan één lesuur. Voor leerlingen die zich verder willen verdiepen in een onderwerp of voor groepen die dat willen zijn er twee of drie opdrachten geformuleerd waarbij dieper op een bepaald onderwerp wordt ingegaan. Vaak gaat het hier om een combinatie van onderzoek en verslaglegging.

Uit de staalkaart aan werkvormen en opdrachten kan een docent een keuze maken van één of meer opdrachten die enerzijds aansluiten bij lesstof die op dat moment behandeld wordt en anderzijds geschikt is voor de situatie in de klas of groep, of voor een individuele leerling.

De onderwerpen die in de modules aangeroerd worden zijn bedoeld voor een bepaald niveau, evenals de manier van aanspreken of het soort opdrachten. De modules zijn daarom verdeeld over vijf niveaus, zodat het goed mogelijk is om op basis van onderwerp en niveau een module te kiezen die past bij het lesprogramma van een klas of groep. Kijk hiervoor bij 'Hoe zijn de niveaus ingedeeld?'

8. Wat is de Intro?

Een les Beeldkraken start met de introductie (Intro). Dit is een essentieel onderdeel van het project. In elke module staat één afbeelding centraal. In de Intro wordt deze afbeelding vanuit drie standpunten aan een kort onderzoek onderworpen. Vragen die daarbij aan de orde komen zijn: 1. Wat laat de afbeelding zien? 2. Hoe is de afbeelding gemaakt? 3. Wat is de bedoeling van de afbeelding?

Het Intro-gedeelte gaat primair over het bekijken van de afbeelding. In drie stappen, proberen leerlingen via het beantwoorden van vragen (vijf per stap) de afbeelding te ontleden. De vragen zijn bedoeld om klassikaal (of in groepen) te bespreken, waarbij leerlingen worden gestimuleerd hun eigen antwoord te geven. Eventueel kunnen leerlingen de vragen eerst individueel schriftelijk beantwoorden. Het uitwisselen van antwoorden en inzichten is een echter een belangrijk onderdeel van de leerervaring.

Bij de eerste stap, Het eerste gezicht, is de centrale vraag: wat zie je eigenlijk? De duiding wordt hier nog uitgesteld, de nadruk ligt op ‘blanco kijken’ en beschrijven wat je daarbij tegenkomt. Leerlingen worden uitgenodigd om hier vooral hun eigen reacties te peilen en een afbeelding echt te onderzoeken.

Bij De tweede stap, Kijkwijzer, is de centrale vraag: hoe is de afbeelding gemaakt? Daarbij gaat het om de gebruikte techniek, maar ook over beeldmiddelen als uitsnede, compositie, gebruik van licht, kleur of lijn en over manieren de weergaven van de werkelijkheid gemanipuleerd kan worden. Hiermee krijgen leerlingen op den duur de beschikking over een soort gereedschapskist met instrumenten waarmee ze beelden kunnen analyseren.

Bij de derde stap, Inhoud, wordt ingegaan op de inhoudelijke aspecten: het doel van een afbeelding, de bedoeling van de maker, het beoogde publiek, de boodschap die een afbeelding overbrengt, of het effect op de kijker.

Bij deze drie onderdelen is inhoudelijke kennis nog niet noodzakelijkerwijs aan de orde. In het laatste deel komt dat wel om de hoek kijken, maar ook zonder de achtergronden van de Reformatie te kennen valt er veel af te leiden uit een prent waarop Luther en Calvijn op een weegschaal afgewogen worden tegen een groep geestelijken.

9. Hoe ziet een les eruit?

Beeldkraken-modules zijn ontwikkeld om makkelijk toe te kunnen passen in een les. De opzet is flexibel, zodat een docent de mogelijkheid heeft om zelf te bepalen welke onderdelen gebruikt worden. Het Intro-gedeelte is daarbij wel onmisbaar, omdat daar de afbeelding centraal staat en de vaardigheden voor kritisch kijken worden ontwikkeld.

Een paar voorbeelden:

Maatschappijleer
In een les Maatschappijleer (bijvoorbeeld in vmbo 2 of havo 3) wil de docent aandacht besteden aan de aanstaande verkiezingen en kiest daarvoor de module Eerlijk & aktief. De les begint met het bekijken van de afbeelding op het digibord, een affiche van de Socialistiese Partij uit 1989. De leerlingen beantwoorden individueel op een blaadje de vragen uit Het Eerste Gezicht. Dit duurt ongeveer 5 minuten. Vervolgens worden de vragen klassikaal besproken. Heeft iemand iets gezien dat anderen niet was opgevallen? Vervolgens worden (kort) klassikaal de vragen uit de Kijkwijzer besproken. Tenslotte beantwoorden de leerlingen weer individueel de vragen uit het Inhoud-deel. Na weer 5 minuten worden antwoorden besproken. De les wordt afgesloten met een klassengesprek naar aanleiding van de opdracht Stemmen uit het Verwerkingsdeel.

Geschiedenis
Bij een Geschiedenisles op de basisschool staat de Reformatie op het programma, eigenlijk best een lastig onderwerp. De leerkracht besluit om toch de module Laat af! te gebruiken, ook al zijn de verwerkingsopdrachten niet allemaal geschikt. De afbeelding wordt op het digibord getoond en de vragen uit het Eerste Gezicht worden klassikaal besproken. Om de beurt mag een leerling vertellen wat hij/zij ziet of heeft ontdekt. Dit duurt ongeveer 10 minuten. Daarna worden de vragen uit de Kijkwijzer doorgenomen en besproken, gevolgd door de Inhoud-vragen. Als start van de Verwerking bedenkt de hele groep eerst een goede titel voor de plaat. Daarna wordt het begrip ‘aflaat’ geïntroduceerd, met een korte inleiding door de leerkracht en daarna een groepsgesprek. De leerkracht besluit de opdracht Ik zie, ik zie… te bewaren voor de afsluiting van het onderwerp in een volgende les.

Nederlands
De docent Nederlands besluit om de lessen over naoorlogse literatuur te beginnen met de module Ezeltje Dek Je. De afbeelding wordt op het digibord getoond en leerlingen gaan in kleine groepjes de vragen uit Het Eerste Gezicht bespreken en schriftelijk beantwoorden. De vragen worden kort klassikaal doorgenomen. Daarna wordt hetzelfde gedaan met de vragen uit de Kijkwijzer. De Inhoud-vragen worden klassikaal besproken, hier vindt de aanloop plaats naar waar het in deze les(sen) om zal gaan. De docent introduceert het onderwerp van de tekening, eventueel aan de hand van de achtergrondinformatie. De maatschappelijke context van literatuur komt hier bij duidelijk aan de orde. Vervolgens wordt er begonnen met de opdracht Klassengesprek uit de Verwerking. In een volgende les zal beginnen worden met de opdracht Gedichten.

CKV
Na de les Maatschappijleer over de module Eerlijk en Actief, heeft de docent CKV afgesproken hierbij aan te sluiten. De vragen uit de Kijkwijzer worden nog een keer doorgenomen, nu wat uitgebreider. De klas wordt verdeeld in tweetallen en die gaan aan de slag met de opdracht Onderdelen. De resultaten hiervan worden besproken. Daarna starten de groepjes met de opdracht Collage, leerlingen maken een eigen verkiezingsaffiche voor een echte of verzonnen politieke partij.

10. Wat is de inhoud?

Beeldkraken gaat over kritisch kijken, waarbij gezocht wordt naar antwoorden op vragen als Wat zie ik op een afbeelding? Hoe is het beeld gemaakt? Welk doel heeft een afbeelding? Om de aansluiting te verzekeren bij de onderwijspraktijk is er voor gekozen om de lesmodules zo in te richten dat ze te gebruiken zijn bij de vakken CKV, Geschiedenis, Maatschappijleer en Nederlands en dat ze aansluiten bij het vaste programma van die vakken.

De primaire doelstelling van Beeldkraken is het ontwikkelen van een kritische houding van leerlingen ten opzichte van de beelden die hen omringen. Dat wordt ook wel visuele geletterdheid genoemd, wij noemen het kritisch kijken, als verwijzing naar een meer algemene set vaardigheden: kritisch denken. Hierbij gaat het om vaardigheden als problemen oplossen, analytisch vermogen, creatief denken, interpretatie, evaluatie en logisch redeneren. Het project sluit daarmee ook aan bij de ambitie om aandacht te besteden aan 21st Century Skills of Mediawijsheid.

Dat zou een vak op zich kunnen zijn, maar dat is het niet. Om die reden zoekt Beeldkraken aansluiting bij bestaande vakken. De afbeeldingen worden geselecteerd uit het enorme aanbod dat de collectie van de Atlas van Stolk biedt, met daarbij aandacht voor de onderwerpen die in de vakken CKV, Geschiedenis, Maatschappijleer of Nederlands op het programma staan. Voor het basisonderwijs wordt daarbij uitgegaan van de Kerndoelen. Voor het voortgezet onderwijs wordt gekeken naar het bestaande programma, de exameneisen voor de verschillende vakken en bijvoorbeeld voor het vak Geschiedenis naar de Kenmerkende Aspecten.

Daarmee volgt Beeldkraken niet één specifieke lesmethode, het is ook geen vervanging van een lesmethode. De modules zoeken nadrukkelijk de aansluiting bij de bestaande methodes en lesprogramma’s. Gezien de ambities van het project om leerlingen vanaf de basisschool tot de top van het voortgezet onderwijs iets aan te bieden, betekent dat een langdurig ontwikkelingsproject waarbij de collectie modules voortdurend uitgebreid wordt.

11. Welke module is geschikt?

De Beeldkraken-modules zijn verdeeld over 5 niveaus, aangegeven met sterren. Die niveaus bestrijken meerdere leerjaren en gaan van bovenbouw basisschool (1 ster) tot Havo 5, VWO 6 (5 sterren). De modules zijn breed opgezet, zodat ze vaak voor meer dan één niveau geschikt zijn. Elke module bevat opdrachten voor de vakken CKV, Geschiedenis, Maatschappijleer en Nederlands. De modules zijn dus breed inzetbaar.

Bij het kiezen van een module in Beeldkraken zal in vele gevallen het onderwerp of thema op de eerste plaats komen: past de module binnen een les of project. Daarnaast is er een differentiatie in de moeilijkheidsgraad, aangegeven met 1 tot 5 sterren.

Een Beeldkraken-module start met een Intro-gedeelte waar de afbeelding die bij die module hoort uitgebreid wordt bekeken aan de hand van een serie vragen. De meeste afbeeldingen zijn in principe geschikt voor elk niveau, maar op de inhoud vindt er wel een differentiatie plaats.

De vragen uit Het Eerste Gezicht, het eerste onderdeel van de Intro zijn door iedereen te beantwoorden. Er zijn niet per se goede of foute antwoorden. Bij de Kijkwijzer- zit er een opbouw in de moeilijkheid van de vraagstelling, hoewel steeds dezelfde onderwerpen kunnen terugkeren (techniek, kleur, licht-donker, perspectief, compositie). In het Inhoud-onderdeel zit wellicht het meeste verschil in moeilijkheid hoewel ook daar de vragen zo duidelijk en eenvoudig mogelijk zijn gehouden.

In het algemeen geldt dat de vraagstelling zo veel mogelijk geschikt is voor elk niveau, maar de antwoorden zullen per niveau verschillen.

Bij de Verwerking en Verdieping is de niveauverdeling veel sterker doorgevoerd. Hoewel de opdrachten breed en flexibel zijn opgezet is er een duidelijk verschil tussen een opdracht of werkvorm voor een brugklas, een VMBO 3 klas of een VWO 5 klas.

In de praktijk kan dat betekenen dat er voor een bepaald onderwerp wel een module is, maar niet op het juiste niveau. Ook dan kan een docent kiezen om de module wel te gebruiken, maar dan beperkt tot het Intro-gedeelte, met misschien een enkele opdracht uit de Verwerking.

12. Hoe zijn de niveaus ingedeeld?

Beeldkraken werkt met een niveau-indeling die bewust open en relatief vaag is gehouden. Vakinhoudelijk is er misschien een striktere indeling mogelijk, maar waar het gaat om het kritisch kijken (waar het Intro-deel zich mee bezig houdt) zijn in principe vrijwel alle afbeeldingen voor alle groepen en leerjaren te gebruiken. Om een indicatie te geven van de moeilijkheidsgraad van de onderwerpen, maar vooral de Verwerkings- en Verdiepingsopdrachten worden er vijf niveaus onderscheiden.

De exacte indeling van die niveaus zou nog een discussiepunt kunnen zijn. Hoewel het lesprogramma vaak een strakkere indeling nastreeft zullen in de praktijk leerlingen zich hier niet altijd naar voegen. Zo zou een basisschoolleerling van groep 6 misschien meer kennis van of interesse voor een onderwerp kunnen hebben dan een andere leerling uit bijvoorbeeld Havo 2.

Met dat idee in gedachte zijn de 5 niveaus heel grofweg als volgt ingedeeld:

  Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Niveau 4 Niveau 5
Basisschool 6, 7, 8        
VMBO-basis 1 2, 3      
VMBO-kader 1 2, 3      
VMBO-gl 1 2, 3      
VMBO-tl 1 1, 2 3, 4    
MAVO 1 1, 2 3, 4    
HAVO   1 2, 3 4 5
VWO   1 2, 3 3, 4 5, 6
Gymnasium   1 2, 3 3, 4 5, 6


Dit schema is niet meer dan indicatie. In feite zou het veel meer overlappingen kunnen bevatten. De niveau-aanduiding is dan ook niet meer dan een suggestie.

13. Wie maakt Beeldkraken?

Het concept voor Beeldkraken is geïnitieerd door de Atlas van Stolk en ontwikkeld door Onwijs. De inhoud van de modules wordt gemaakt door een team van auteurs met ervaring in het onderwijs en uiteenlopende achtergronden voor wat betreft vakgebied of onderwijsvorm.

In 2014 introduceerde de Atlas Van Stolk de term Beeldkraken, toen samen met Karel Kindermans en Kunsthal Rotterdam een educatietraject werd georganiseerd rond de succestentoonstelling ‘200 jaar Koninkrijk der Nederlanden’.

Vanuit de maatschappelijke noodzaak om visueel analfabetisme onder jongeren te bestrijden, de behoefte vanuit het onderwijs aan passende oplossingen hiertoe, de omvangrijke beeldcollectie die de Atlas huisvest en de veelbelovende resultaten van de kleinschalige Beeldkraken-pilot i.s.m. De Kunsthal, is de ambitie ontstaan om samen met relevante partners Beeldkraken te evolueren tot volwaardig beeldonderwijs binnen het Nederlandse onderwijssysteem.

De ontwikkeling van het project is ter hand genomen door Onwijs, een organisatie met meer dan 20 jaar ervaring met het ontwikkelen van educatieve toepassingen en projecten.